In Suriname tien procent pensioenverhoging van de baan

24/05/2013

PARAMARIBO - Ex-landsdienaren hoeven niet meer uit te kijken naar de 10 procent pensioenverhoging. Volgens vicepresident Robert Ameerali is de verhoging bij de inwerkingtreding van het welvaartsvast pensioenfonds eind vorig jaar al ingecalculeerd. Ambtenaren die vóór 1 januari 2008 met pensioen zijn gegaan, kregen een verhoging van 46 procent, terwijl landsdienaren die na 1 januari 2008 de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt er 23 procent op vooruit zijn gegaan.

Het afketsen van deze verhoging is onlangs door Ameerali aan de Bond voor Belangenbehartiging van Gepensioneerden uit Overheidsdienst (BBGO) meegedeeld. "We kunnen dit niet verkroppen, omdat we daar recht op hebben", benadrukt gepensioneerde Eugene Puljhun (82) tegenoverde Ware Tijd.

Tien procent verhoging

Bondsvoorzitter Armand Deekman wijst erop dat ambtenaren in december vorig jaar 10 procent loonverhoging hebben gekregen.

Volgens het welvaartsvast pensioenfonds moeten gepensioneerden dan automatisch 10 procent verhoging krijgen. "Maar we hebben al geconstateerd dat deze verhoging niet inbegrepen is bij het welvaartvast pensioenfonds en we gaan deze alsnog eisen", verklaart de voorzitter.

In totaal gaat het om 17.000 gepensioneerde landsdienaren. De bond heeft gisteren tijdens een vergadering in het bondsgebouw aan de Burenstraat haar leden ingelicht over het uitblijven van de verhoging. Volgens de vakorganisatie heeft de overheid hierdoor haar belofte gebroken.

Volgens Deekman zijn er in het sociaalzekerheidsstelsel regels opgenomen voor het waarborgen van pensioenen. Echter is het stelsel nog niet van de grond gekomen en het welvaartsvast pensioenfonds moest niet aan de kant worden gezet. "We weten nog niet of het stelsel de oplossing is", zegt de bondsvoorzitter.

De bond heeft op 6 juni een ontmoeting met consultant KPMG, die de overheid bijstaat om het sociaalzekerheidstelsel in elkaar te zetten. Na deze bijeenkomst zal de bond zich buigen over de pensioenregeling.

Bron: De Ware Tijd,  Suriname