'IDB beste optie voor Suriname'

DE WARE TIJD:

15/03/2012

Paramaribo - Nu Suriname niet meer kan rekenen op gratis geld uit Nederland, zijn de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) en dergelijke internationale financiële instellingen de beste optie “om steun te verlenen aan ontwikkeling”.

Dit zegt Marco Nicola, IDB- landenvertegenwoordiger van Suriname, in gesprek metde Ware Tijd. Tijdens de officiële lancering van de achtste Nationale Volkstelling gisteren, benadrukte hij dat de relatie tussen Suriname en zijn organisatie een nieuw tijdperk is ingegaan doordat de regering Bouterse/ Ameerali op een record leenbedrag van 300 miljoen US dollar mag rekenen. Tussen 2006 en 2010 leende de vorige regering 100 miljoen US dollar, het oud record van IDB-bestedingen in het land.

Donorgeld verdwijnt
“Vóór deze regering was de rol van de IDB in Suriname perifeer. Maar dat komt omdat er genoeg donormiddelen (verdragsmiddelen) beschikbaar was. Daarnaast heeft Suriname er lang over gedaan voor het uitzetten van de gelden door moeilijkheden rond de uitvoeringscapaciteit”, zegt Nicola verder. Hij geeft wel toe dat donorgeld, ten opzichte van de IDB, een aantrekkelijkere optie was. “Maar financiële steun is overal aan het verdwijnen tegenwoordig. Wij bedienen 26 landen en los van kleine projecten wordt alleen Haïti gesteund met investeringsdonaties”, zegt Nicola verder. De politieke discussie rondom besluiten van de regering om buitenlandse leningen te verhogen is vorig jaar nog gevoerd in De Nationale Assemblee (DNA).

Met name de oppositie is altijd gekant geweest hiertegen zowel vanwege minder prettige ervaringen van andere landen, alsook de wereld economische crisis die organisaties als de IDB onder druk heeft gezet.

Hoge uitvoeringscapaciteit
“Wij zijn een goede optie als het gaat om het ondersteunen van hervorming en overheidsinvesteringen. Ik geloof dat wij kwaliteit kunnen leveren en hebben veel ervaring in Latijns-Amerika en het Caribisch Gebied. Maar onze inbreng is afhankelijk van het besluit van de plaatselijke autoriteiten. Daarnaast moet onze steun worden aangepast aan de lokale politieke en economische omstandigheden”, zegt de IDB- vertegenwoordiger. De IDB en de regering zijn een leenpakket van 300 miljoen US dollar overeengekomen begin 2011 voor de periode 2011-2015. Het geld is bestemd voor de agrarische sector, het onderwijs, energie, financiële sector, overheidsinvestering, bescherming van sociaal zwakkeren en infrastructuur. “Deze regering heeft deskundigen die ons en organisaties als de Wereldbank kennen. Ook hun uitvoeringscapaciteit is heel erg hoog”, aldus Nicola.