Cft: “Ontwijken toezicht bedreiging financiële stabiliteit Curaçao en Sint Maarten”

Persbericht CFT:

3 september 2012

Halfjaarrapportage Curaçao en Sint Maarten

Willemstad - Het strict hanteren van de bepalingen uit de Rijkswet financieel toezicht Curaçao
en Sint Maarten, leidt tot een grotere inzet van financiële instrumenten en geldstromen
buiten de begroting om, via overheidsvennootschappen, stichtingen of speciaal daartoe in
het leven geroepen fondsen. Hiermee kan weliswaar, in enge zin, voldaan blijven worden
aan de Rijkswet, maar de financiële stabiliteit van Curaçao en Sint Maarten kan er wel door
bedreigd worden. Bovendien komt hierdoor het budgetrecht van de Staten in het geding. Dit
concludeert het College financieel toezicht in zijn zevende halfjaarrapportage.

Het Cft gaat in zijn zevende halfjaarrapportage uitgebreid in op de aanloop naar de aanwijzing die de
Rijksministerraad op 13 juli aan Curaçao heeft gegeven. Het Cft concludeert dat Curaçao een zorgelijke
financiële situatie kent en dat het financieel beheer tekort is geschoten. De financiële situatie wordt
meerjarig nog nijpender. De kosten van de gezondheidszorg nemen nog steeds in een hoog tempo toe
en de vergrijzing zorgt voor snel oplopende kosten van de oudedagsvoorzieningen. Implementatie van
noodzakelijke maatregelen om het tij te keren loopt keer op keer vertraging op. Instellingen buiten
de overheid laten grote tekorten zien; het Cft noemt in dit verband de zorgfondsen en het AOV-fonds,
Aqualectra en de Curaçaose Dok Maatschappij. Tegelijkertijd wordt er ingeteerd op de reserves om
oude tekorten te dekken en komen er nieuwe financieringsconstructies die weliswaar de begroting op
korte termijn niet belasten, maar ongewenst zijn uit het oogpunt van deugdelijk financieel beheer. Te
denken valt aan de belasting van 5 cent op iedere getankte liter benzine en de financiering van het
gratis onderwijs. Het Cft is van mening dat het budgetrecht van de Staten door deze maatregelen in het
geding is. Uit een gezamenlijk onderzoek van Cft naar de stand van het financieel beheer op Curaçao
komen ook al het toezicht en de controle vanuit de Staten alsmede de follow up van adviezen van de
Algemene Rekenkamer als zorgwekkende punten naar voren.

Het jaar 2011 is voor Curaçao afgesloten met een omvangrijk tekort, dat pas ver na afloop van het jaar
bekend werd. Hierdoor was het niet mogelijk om nog gedurende het jaar maatregelen te nemen. In
de komende jaren moet dit tekort gecompenseerd worden. Dat de informatie pas zo laat beschikbaar
kwam, geeft aan dat het financieel beheer en vooral de informatievoorziening niet op orde zijn.

De begroting 2012 van Sint Maarten is in april door de Staten goedgekeurd. Het Cft heeft aangegeven
dat deze begroting in uitvoering genomen mocht worden, mits tegenvallers in de belastingsfeer zouden
worden gecompenseerd. Dit heeft geleid tot de eerste begrotingswijzing sinds 10-10-’10. Aan het
goedkeuren van de begroting en de begrotingswijziging heeft het Cft een aantal voorwaarden gesteld.
Ook Sint Maarten zal op termijn geconfronteerd worden met de gevolgen van vergrijzing en toenemende
kosten van de gezondheidszorg. Het Cft is van mening dat Sint Maarten hier goed op voorbereid moet
zijn en nu reeds passende maatregelen moet nemen. Sint Maarten zal hiertoe een planning moeten
maken van alle langjarige financiële ontwikkelingen, w.o. de doorwerking van de jaarrekeningen 2009
en 2010.

Verder concludeert het Cft dat het financieel beheer van Sint Maarten grote tekortkomingen kent.
Uit een gezamenlijk onderzoek van het Cft en de overheid van Sint Maarten blijkt dat Sint Maarten
laag scoort voor wat betreft de betrouwbaarheid van de begroting en de volledigheid. Het Cft is
van mening dat dit niet verassend is voor een nieuw land dat nog in de opbouwfase verkeert, maar
geeft tegelijkertijd aan dat er wel snel grote stappen gezet moeten worden. Ten aanzien van de
overheidsvennootschappen concludeert het Cft dat deze over het algemeen geen bedreiging vormen
voor de begroting maar eerder kansen bieden om te komen tot een dividendbeleid. Wel signaleert het
Cft dat er op het terrein van corporate governance in de afgelopen periode geen vooruitgang is geboekt.