4 procent minimumloon vanwege uitzondering in wet Aruba



MAANDAG, 16 JANUARI 2012

ORANJESTAD — De verhoging van het minimumloon met 4 procent en niet 6,8 procent op basis van de prijsindex, is het gevolg van een uitzondering in de wet. Dat blijkt uit het onlangs openbaar gemaakte advies van de Sociaal Economische Raad (SER).

In bijzondere omstandigheden mag de minister van Arbeid volgens de Landsverordening Minimumlonen afwijken van het percentage. Vandaar dat de SER de minister ook unaniem adviseerde om daarvan gebruik te maken en het minimumloon dit jaar met 4 procent te laten stijgen. Immers zou een verhoging van 6,8 procent volgens het ‘alles of niets’ principe van de wet, mogelijk niet tot een unaniem advies hebben geleid. De bijzondere omstandigheid had in dit geval te maken met de invoering van het nieuwe verplichte werknemerspensioen LAP.

De Raad ziet ook het liefst dat de wet wordt aangepast. Deze biedt dus namelijk maar twee mogelijkheden: namelijk 0 procent of 100 procent compensatie van het verlies van koopkracht op basis van het verschil aan de hand van het prijsindexcijfer. “Vanwege de beperking (alles of niets) is de Raad gedwongen om te kiezen tussen de maatschappelijke noodzaak of het economische draagvlak, terwijl het juist voor de Raad van essentieel belang is om een goede balans te vinden (...) als het gaat om verhoging van de minimumlonen.” SER wil met de wetswijziging bereiken dat er meer flexibiliteit in het percentage komt. Daarnaast vindt de Raad ook de berekening van dat percentage ‘niet het meest reële’.

Het is immers maar een momentopname van een bepaalde maand in een jaar. En dat kan een vertekend beeld opleveren. Er wordt namelijk alleen gekeken naar de maand augustus en het verschil met dezelfde maand het jaar ervoor. Maar als de inflatie in augustus, zo geeft SER als voorbeeld, 10 procent is en de maanden ervoor 1 of 2 procent, dan zou volgens de wet de minimumlonen toch met 10 procent omhoog moeten. In dat geval is er sprake van overcompensatie, vindt de Raad, en zouden de loonkosten meer stijgen dan het verlies aan koopkracht door de minima.